• Willem Zandvliet toont armatuur met ledjes

    Joep Derksen

Duurzaam wachten voor een verkeerslicht

Willem Zandvliet is energiecoördinator van Rijkswaterstaat. Al in 1998 stond hij aan de basis van de standaardisatie van ledverkeerslichten.

Joep Derksen

,,Het rendement van de gloeilampseinen was 1%; er ging 100 watt in en er kwam maar 1 watt aan licht uit'', licht Zandvliet toe. Daar viel dus veel te winnen op het gebied van duurzaamheid. Met ledlampen zouden de verkeerslichten een tien keer zo hoog rendement hebben.

De uitdaging was één standaard ledlamp voor de verkeerslichten zodat de lampen onderling uitwisselbaar zouden zijn. ,,Ik heb de vijf grootste fabrikanten van verkeerslichten in de wereld gevraagd om mee te denken. Het grootste probleem was de uitwisselbaarheid van de verkeerslichten; die was er op dat moment niet voor de ledlampen. Als eerste hebben we gekozen voor 42 volt, in plaats van 230 volt, dat tot dan toe de standaard was. Als eerste werden de verkeerslichten voor de scheepvaart standaard uitgerust met ledlampen. Dat leverde niet alleen energiewinst op, maar ook bespaarde het enorm in de onderhoudskosten. ,,Verkeerslichten op het water zijn moeilijk te vervangen; de levensduur van de ledlamp is 20 jaar. Dan hoef je al die tijd niet met een bootje er heen om het lampje te vervangen. Je verdient het heel snel terug.'' Inmiddels is dit type 'ledsein' voor de scheepvaart- en verkeerslichten een wereldstandaard geworden. ,,De standaardisatie van de ledverkeerslichten heeft de verkeersveiligheid sterk verbeterd en bespaard ons jaarlijks meer dan 90% op energie en onderhoud.''

Zandvliet toont een armatuur met ledjes er in. Dit ontwerp stond aan de basis voor een revolutionaire manier van het verlichten van tunnels. ,,In tunnels brandt de verlichting dag en nacht; daar verdien je het dus het snelste terug. We hebben de wereld afgezocht naar een goede tunnelverlichting, maar die was er niet. Ik heb een fabrikant gevraagd ons ontwerp in productie te nemen.'' Het unieke van het ontwerp was, dat de ledjes werden gemonteerd op een aluminiumprofiel, waardoor de ledjes goed gekoeld worden en er een lichtlijn ontstaat. ,,Zo krijg je een rustige lijnverlichting en worden automobilisten niet geconfronteerd met slagschaduw. Ledverlichting is heel goed te richten en heeft een daglichtkleur waardoor weer energie bespaard kan worden.''

De ledlijnverlichting werd binnen een jaar ontwikkeld en in 2009 als eerste geplaatst in de Vlaketunnel in Zeeland. De Vlaketunnel was de eerste volledig met led verlichte tunnel in de wereld. Het project was niet geheel zonder risico; er waren toen veiligheidsproblemen bij andere tunnels. ,,Als het in de Vlaketunnel mis zou gaan zouden mijn directeur en ik eruit vliegen.'' Maar het experiment slaagde probleemloos. Tegenwoordig is ongeveer een derde van alle Nederlandse tunnels met ledverlichting uitgevoerd.

 

VLEERMUIZEN Maar slimme verlichting kan ook op andere terreinen toegepast worden. Zandvliet sprak jaren geleden een ecoloog, die hem vroeg wegverlichting te bedenken, die vleermuizen niet belemmert in hun vliegpatroon. Zandvliet liet onderzoeken of er een kleur licht was die vleermuizen niet konden waarnemen, en dat bleek toevallig amber licht te zijn. Mensen kunnen hierbij nog goed zien, maar vleermuizen zien dit licht in het geheel niet. Vervolgens werd een aantal amber ledlampen  gemaakt en getest boven een trekvaart waar veel vleermuizen vliegen. Met een batdetector werd vervolgens de vliegpatronen van de vleermuizen in de gaten gehouden. Zo werd duidelijk, dat de vleermuizen niet reageren op  amber licht. Met die wetenschap is het nu mogelijk, om vliegveilige vliegroutes voor vleermuizen te realiseren.

Uiteraard heeft Zandvliet ook zonnepanelen op zijn dak, al hebben die panelen volgens hem ook een nadelig effect: ,,Het energiegebruik in huis interesseert je niet meer. Ik wek 4000 kWh per jaar  op en verbruikt maar 3.000 kWu; ik zet al mijn lichten aan. Het maakt toch niet uit wat ik verbruik. Dat heet het rebound effect.'' Hij tipt voor mensen, die nog geen zonnepanelen hebben: ,,Het allereerste wat je moet doen is, doelmatig met energie omgaan.'' Het reboundeffect zal volgens Zandvliet ook gevolgen hebben voor andere duurzaamheidsontwikkelingen.

Met één ding moeten politici en beleidsmakers in ieder geval rekening houden, zo waarschuwt Zandvliet: ,,Duurzaamheid moet ook zorgen voor meer welzijn. Het moet dus geen gevecht zijn, maar mensen moeten naar betere duurzaamheid toe willen.'' En wat wil Zandvliet de komende vijf jaar nog realiseren? ,,Doelmatige verlichting. Verlicht de berm maar een beetje met groen licht en het ziet er geweldig uit. In de tuinbouw hebben ze al goed door hoe je dat moet doen, daar verlichten ze juist met roodachtig licht omdat daar de planten goed van groeien. Een intelligente lamp focust zich op de kleuren die er in zijn zichtveld komen. In de landbouw gebruiken ze verlichting voor betere groei en ontwikkeling van de planten; waarom doen we dat niet voor de mensen?! Daar ga ik me de komende jaren mee bezig houden.''